Bodemversteviging

'Argus', het onderzoeksvaartuig dat zich bezighoudt met het milieu
Onderzoeksschip
Al snel rees de vraag of de Oosterscheldebodem wel berekend was op het gewicht van de kering. De bodem werd daartoe aan een grondig onderzoek onderworpen. Daarbij werd gekeken naar de vastheid van de grondslag, de dichtheid van de grondslag, de grondsamenstelling, de grondgelaagdheid en de geologische bouw van het lagenpakket. Het onderzoek wees uit dat er nog aanpassingen gedaan zouden moeten worden voordat er daadwerkelijk een kering kon komen. De bodem waarop de kering geplaatst zou worden, was aanvankelijk veel te slap. In laboratoria werden proeven gedaan om te onderzoek wat er onder bepaalde omstandigheden met de ondergrond zou gebeuren. 

Trilnaald met boven- en onderspoeling
Trilnaald
Om de bodem te verstevigen werden een aantal werkzaamheden uitgevoerd. Het schip Mytilus bracht bijvoorbeeld trilpijpen in de bodem aan. Na het trillen waren de zandkorrels tot op 15 meter diepte dicht op elkaar gaan zitten. Verder werden er kunststof matten op de bodem gelegd rond de plek waar de kering zou komen. Deze werden vervolgens met betonblokken bedekt. Ook werd slib weggebaggerd en vervangen door zand. De Oosterscheldebodem was echter nog steeds te slap om de kering te dragen. Daarom werden er aan land matten gemaakt die op het traject van de stormvloedkering kwamen te liggen. De mat was een soort matras die gevuld was met zand en grind, in plaats van met een vering.