Redding

Groenendijk

Schip die gat in de dijk dicht langs de Ijssel.
de Twee Gebroeders
Nadat in het Deltagebied al vele dijken gebroken waren werd ook in Zuid-Holland rond de Hollandse Ijssel de situatie kritiek. Na het breken van de Schielandse Hoge Zeedijk, was de dijk van de rivier de Hollandse Ijsel nog de enige dijk die ruim 3 miljoen mensen in Zuid en Noord-Holland behoude voor de grillen van de storm.

De dijk hield stand maar bij de sectie beter bekend als “Groenendijk” werd de situatie kritiek. De dijk die daar niet was verstevigd met stenen dreigde te breken onder de enorme druk.

Rond 5:30 in de ochtend van 1 Februari brak de dijk. Het zeewater baande zich een weg richting de zeer laag gelegen gebieden van Zuid-Holland. Als een laatste wanhoopsactie commandeerde de brugemeester van Nieuwerkerk de bezitter van het schip “de Twee Gebroeders”, dit in het gat in de dijk te varen. Het plan bleek te werken, en het schip zette zich vast in het gat in de dijk.

Hulpverlening

Truck van het Rode Kruis voor vervoer van oa. gewonden of verzwakten.
"Ambulance"
Op maandag 2 februari komt de grootscheepse hulpverlening op gang en wordt de ernst van de situatie duidelijk. Verkenningshelikopters vliegen over het rampgebied en er wordt begonnen met het droppen van hulpgoederen en zandzakken. Ook wordt hulp aangeboden vanuit het buitenland: België, Engeland, de Verenigde Staten, Canada, Denemarken en Frankrijk sturen materieel en militairen. Voorzichtig wordt begonnen met de eerste evacuaties.

Op 3 februari zijn er 12.000 manschappen in touw, en ’s avonds is de echte ramp voorbij. De storm is gaan liggen, en er vallen geen dodelijke slachtoffers meer. Hier en daar zitten nog mensen vast, maar ook zij worden snel gered. Binnen enkele dagen zijn ook de evacuaties uit de ondergelopen en gevaarlijke gebieden voltooid en kan een begin gemaakt worden met het opmaken van de schade en het herstellen van de dijken.

Hulp uit binnen -en buitenland

Speelgoed voor de kinderen uit het getroffen gebied.
Internationale Hulpverlening
Uit zowel binnen -en buitenland blijven de hulpgoederen binnenstromen. Er komt zelfs zoveel hulp, dat de opslagplaatsen binnen enkele dagen vol raken. Bovendien is sommige hulp niet altijd aangepast aan de behoeften, en kan het dus niet altijd gebruikt worden. Op 4 februari roept het Rode Kruis de bevolking dan ook op te stoppen met het sturen van kleding en meubilair. Voor het overschot aan hulpgoederen worden andere bestemmingen gezocht: een deel van de goederen wordt naar geïsoleerde West-Berlijn gestuurd, en een ander deel naar Korea, waar op dat moment een oorlog woedt.

Natuurlijk is er ook na de ramp nog financiële hulp nodig voor de bewoners van de ondergelopen gebieden. Uiteindelijk krijgen de getroffen gezinnen minstens 100% van hun inboedel vergoed. Voor sommige mensen betekent dit in materieel opzicht zelfs een verbetering ten opzichte van de situatie voor de ramp. Echter: vergoedingen of niet, de emotionele schade blijft.