De stilte erna was nog erger

,,De opgeknapte vrachtwagen van carrosseriebouwer Lansen uit Sirjansland was nog nat van de verse verf toen die werd ingezet om familieleden en dorpelingen naar veiliger oorden te brengen. Er waren een heleboel mensen naar de pastorie gevlucht. En die gingen mee op de auto. De laadbak was helemaal vol.

We overlegden met elkaar en besloten om naar het midden van het eiland te gaan, naar Oosterland. Onderweg daar naartoe was het heel moeilijk om op de weg te blijven. Veel van de normale herkenningspunten waren verdwenen. Bij Oosterland was het nog droog en we dachten dat we veilig waren. Ieder zocht zijn weg en klopte aan bij bekenden en vroeg om onderdak. Tussen Oosterland en Sirjansland lag een dijk. Om het dorp droog te houden, zijn mijn man en andere mannen van het dorp met zandzakken op de vrachtauto naar de dijk gegaan. Toen ze daar aankwamen, brak op twee plaatsen de dijk door en kwam het water van twee kanten naar hun toe. Ze moesten kilometers achteruit door het water rijden om weg te komen.

In de loop van de middag kwam het water steeds hoger en moesten we naar de zolder. We voelden het huis bewegen in de kracht van het water. Dat was heel erg eng. Om vijf uur was het water zo hoog dat de touwen gereed lagen om naar het dak te gaan. En dat huis lag op de hoogste plaats in het dorp.

Wat waren we bang. Eerst hoorden we de varkens en kalfjes gillen, later de paarden en de koeien en nog later hoorden we de mensen om hulp roepen. Misschien was de stilte die we daarna hoorden nog erger, want dan wist je dat deze mensen het niet hadden gered. En we konden elkaar niet helpen.

Zondagavond was het water op zijn hoogst, het was springtij. Wij hebben van zondagmorgen tot woensdagmiddag met veertien mensen op die zolder gezeten. We kregen gebrek aan eten en aan drinkwater. Al dat water om je heen en zo'n dorst hebben, dat is heel erg moeilijk, vooral voor de kinderen. Onze redders kwamen met een roeiboot en we werden naar de dijk gebracht. Daar waren een heleboel mensen. Sommigen hadden bij ons op de vrachtwagen gezeten, je kon ze aan de achterkant al herkennen want ze hadden gele strepen op hun rug van de natte verf.

Omdat ik in verwachting was, mochten we mee met een Engelse helikopter naar Zijpe. Daar waren Spidoboten, die ons naar Dordrecht brachten. Wij waren als familie met zijn tienen in de Ramp en zijn er allen uitgekomen. Daar waren we dankbaar voor.''

L. P. Lansen-Van Oosten
’s-Gravenpolder

©PZC 03-01-03