Herdenken en nooit meer vergeten

door Maurits Sep

OUWERKERK - De wind jaagt de sneeuw vanaf de Oosterschelde over de dijk langs de caissons bij Ouwerkerk. Met de rug gekeerd naar monument en museum voor de watersnood, wachten tientallen mensen kleumend op de aankomst van koningin Beatrix. Een paar paraplu`s geven kleur aan de vuilgrijze lucht. De caissons van Ouwerkerk, die in 1953 de laatste dijken dichtten, vormden zaterdag het decor van het tweede deel van de nationale herdenking Watersnoodramp. In Oude Tonge heeft koningin Beatrix met minister-president Jan Peter Balkenende een krans gelegd op de begraafplaats waar de slachtoffers hun laatste rustplaats hebben gevonden.

Als de vorstin in Ouwerkerk arriveert, even na drie uur, keert iedereen het gezicht naar de wind. Kunstenaar Gust Romijn begeleidt koningin Beatrix en premier Balkenende naar zijn monument: Het water, de storm, de stilte. Op afstand gadegeslagen door het publiek, dat de ogen met vlakke handen beschermt tegen prikkende vlokjes. ,,Vijftig jaar geleden was het erg slecht weer, maar nu is het ook wel bar en boos zeg``, kleumt Bram Versluis uit Zierikzee. Hij zoekt beschutting tegen de muur van het Watersnoodmuseum, waar koningin Beatrix een rondleiding krijgt. Uit de capuchon steekt de klep van zijn visserspet.

Visserijpolitie

In 1953 zat Versluis (75) bij de visserijpolitie. ,,Met Urker vissers ben ik van Zierikzee naar Ouwerkerk gevaren om mensen te helpen. Dat was op de dinsdag na de Ramp. We voeren naar de kerk van Ouwerkerk. Die ligt namelijk wat hoger. Daar pikten we mensen op. Herdenken wat vijftig jaar geleden is gebeurd, heeft voor Versluis nog immer veel waarde. Ieder jaar gaat hij op 1 februari naar de kerk van Ouwerkerk, bij de veertigjarige herdenking was hij bij de caissons, net als nu. "De Ramp is om nooit meer te vergeten. Daar moeten we altijd bij stil blijven staan."

Naast hem staat Bas Lagendijk. Hij was al geboren toen Zuidwest-Nederland onder water liep, maar woonde met zijn ouders in Barendrecht. De zee brak door de eerste dijk, maar werd door de volgende gekeerd. Zijn dorp hield het droog. Toch is Lagendijk aanwezig bij de herdenking in Ouwerkerk. ,,Ik ben drie jaar geleden in Zierikzee komen wonen. Ik heb me in Zeeland verdiept en daarom ben ik hier.

Inburgering

De herdenking van de Ramp beschouwt hij als onderdeel van zijn inburgering. Lagendijk vermoedt overigens dat de meeste aanwezigen gekomen zijn om de vorstin te zien. Maar Versluis spreekt hem tegen. De oude Zierikzeeënaar herkent veel mensen uit de directe omgeving, voornamelijk uit het zwaargetroffen Ouwerkerk, waar 91 mensen het leven lieten. Overlevenden en nabestaanden van Schouwen-Duiveland, Tholen, Noord-Beveland, Goeree-Overflakkee en West-Brabant verhalen in besloten kring in het naastgelegen restaurant De Vierbannen over de Ramp. Koningin Beatrix is een goed luisteraar, vertelt Piet de Rijke na afloop. Het gesprek duurde aanzienlijk langer dan voorzien. `Ze kon moeilijk stoppen. Ze wilde iedereen horen`, verklaart de Zierikzeeënaar.

Intussen trotseren drie dames onder een zwarte wollen omslagdoek de snijdende kou. Voor de deur wachten ze geduldig bibberend tot de vorstin vertrekt. Agenten houden hen bezorgd in de gaten en spreken meermalen moed in. ,,Ze komt zo hoor.`` Het wachten wordt beloond met een ingehouden pas en een vriendelijke glimlach. Zwijgend keren de dames huiswaarts.

Loslating

`Ze vraagt veel aan je, zodat je echt je verhaal kunt doen`, zegt De Rijke, die werd gered door een schipper. Hij is blij dat hij het zijne heeft mogen vertellen. ,"Het helpt me. Het is een stukje loslating." Tien jaar geleden heeft hij de koningin ook ontmoet. Maar hij merkte bij haar geen moment van herkenning.

De Ramp is vijftig jaar geleden. Deze nationale herdenking zal de laatste grote zijn, verwacht De Rijke, en dat zou hij goed vinden. ,"De afgelopen weken, maanden, is er ontzettend veel aandacht voor geweest. Het is nu wel genoeg geweest. En blijven herdenken, ach, straks gebeurt dat door mensen die de Ramp kennen van horen zeggen. Dan zullen veel verhalen niet meer kloppen. Voor mij komt de Ramp nu zachtjesaan tot een einde."

©PZC 03-02-2003