Waar moet hij komen?


Brouwersdam
Voordat de eerste spade de grond in ging, werd er lang nagedacht over de plaast waar en de manier waarop de dam zou moeten worden gemaakt. De Brouwersdam moest in ieder geval de eilanden Goerree en Schouwen beschermen. Daartoe moest de dam zo westelijk mogelijk komen te liggen. Nadat de voor- en nadelen van vier trajecten tegen elkaar afgewogen waren, werd voor het traject gekozen waarbij de dam via Schouwen naar de zandplaat Middelplaat loopt en vanaf daar via de volgende zandbank, de Kabbelaarsplaat, naar Goerree. Het eerste voordeel was dat de afstand tussen de Oosterscheldekering en de Brouwersdam bij dit traject het kleinst was. Dat was voordelig voor het verkeer. Het tweede voordeel was financieel van aard. Het gekozen traject was tussen de twintig en dertig procent goekoper dan de overige alternatieven. Op 25 september 1962 werd dit traject door de overheid goedgekeurd.

Zandbanken

Omdat het water tussen beide zandbanken heel smal en ondiep was, wilde men van de twee zandbanken één zandbank maken door de smalle geul met zand te dichten. Daardoor zouden er nog maar twee openingen zijn, een noordelijke en een zuidelijke. Voor het noordelijke gat werden caissons als sluitmiddel gekozen. Het zuidelijke gat zou gedicht worden met behulp van een kabelbaan. Omdat bij de sluiting van beide gaten de stroming voor problemen kon zorgen, werd besloten de gaten gelijktijdig te sluiten. Zo werd de last verdeeld.