Water wereldwijd

De verdeling van de waterkringloop is niet gelijkmatig. De zeeën en oceanen nemen verreweg het gros in. Meer dan 94% van alle water bevindt zich daarin. 4,2% van het water bevindt zich in het grondwater, gletsjers in de bergen bevatten 1,6% van al het water. Oppervlaktewater neemt slechts 0,23% voor zijn rekening en 0,014% zit in de atmosfeer als waterdamp.

Zoet, zout en brak water

In de natuur is bijna geen zuiver water te vinden. Vooral in het oppervlaktewater, maar ook in het water in wolken en het grondwater zitten allerlei andere stoffen opgelost. Dit beinvloedt de manier waarop we met het water om moeten gaan.
Verreweg het grootste deel van al het water is zout water. Dit is dus water waar zout in opgelost is. Alle zeeën en oceanen zitten vol met zout water. Hier zit meer zout in dan mensen aankunnen: zout zuigt vocht op. Als je zout water drinkt, krijg je alleen maar meer dorst en bij het drinken grote hoeveelheden kan er vergiftiging optreden.
Zoet water is wel drinkbaar. Het water in meren, het oppervlaktewater, gletsjerijs en grondwater is allemaal zoet water. Wel is het vaak zo vervuild dat het zonder zuivering gevaarlijk is om te drinken. Zoet water komt veel minder voor dan zout water: slechts een paar procent tegenover 94% zout water.
Brak water vind je op plaatsen waar zoet water en zout water in elkaar overvloeien. Dit is bijvoorbeeld het geval bij riviermondingen. Het is dus eigenlijk een menging van zout en zoet water.