2. Watersnoodramp van 1953

Extra edition of the Dutch News in 1953, in which the first images are shown about the devastated area.
Video: First news about floods 1953
In de nacht van 1 februari 1953 zorgde een springvloed in combinatie met een noordwester storm op de Noordzee voor een watersnoodramp in het Verenigd Koninkrijk, België en Nederland. Hierbij kwamen in totaal 2167 mensen om het leven, waarvan maar liefst 1835 in Nederland. De ramp heeft grote gevolgen gehad voor de wijze waarop Nederland zich nu en in de toekomst beschermt tegen de zee.

2.1 Vluchtheuvels, Dijken en Polders


Animation: Flooded area
Vroeger vonden in Nederland veel vaker overstromingen plaats, hierbij vielen soms wel duizenden doden. Om zich te beschermen tegen de zee, begon men met het bouwen van vluchtheuvels; zogenaamde ‘vlietbergen’ of ‘terpen’. Toen deze terpen steeds verder in omvang groeiden, werden kleine dorpjes op de heuvels aangelegd. Om de dorpen met elkaar te verbinden maakte men tussen de verschillende dorpen weer kleine dijken, waardoor polders ontstonden. Door de aanleg van dijken en door wind aangedreven gemalen die de polders droog hielden, werd Nederland stukje bij beetje groter.

2.2 Verzwakte dijken

Dike that just survived the enormouse high tides. Clearly one can see that the dike has been undermine to the core.
Dike undermining
In de jaren voor de watersnoodramp was al duidelijk geworden dat de dijken niet hoog genoeg waren om hoge waterstanden tegen te houden. De totale lengte van alle dijken was te lang en ze waren sterk verzwakt door gebrek aan onderhoud en schade tijdens de Tweede Wereldoorlog. Een plan voor de structurele verbetering van de dijken en het verkorten van de kustlijn kwam maar moeizaam van de grond en slechts enkele kleinere projecten werden uitgevoerd. Pas eind januari 1953 kwam de stormvloedcommissie met een eerste rapport met afsluitingsplannen voor de grotere zeearmen. Enkele dagen later sloeg het noodlot echter al toe.

2.3 Meteorologische oorzaak van de Watersnoodramp

Through enormous hole in the dike water makes itself a way to the lower laid land.
Dike destroyed
De zeer slechte staat van vele dijken in het Deltagebied werd pijnlijk duidelijk in de ochtend van 1 februari 1953. Op 30 januari ontstond ten zuiden van IJsland een stormveld met daarachter een grote depressie. Deze trok vanuit het Noord-Westen richting Nederland en stuwde grote hoeveelheden water richting het nauw van Calais. De nauwe doorgang fungeerde als een trechter en het water werd steeds verder opgestuwd. De vloed werd nog verder versterkt door de invloed van een orkaan ter hoogte van Schotland en op sommige plaatsen in Nederland stroomde er al water over de dijken. In de nacht van 31 januari werd de storm boven de
Horse standing in the water
Horse standing in the water
Noordzee steeds sterker en was het aan de kust van Nederland windkracht 10. Daarbij viel de storm ook nog eens samen met springvloed, waarbij onder invloed van de stand van de zon en maan het water veel hoger kwam te staan dan normaal.
Die nacht werd om 03.24 uur de hoogste waterstand bereikt: 4,55 meter boven NAP. De dijken waren niet op deze hoge waterstanden berekend, en nog voor het hoogste niveau bereikt was braken de eerste dijken. In totaal braken maar liefst 89 dijken door.


2.4 Verwoestende kracht van de zee

House that still stands on a few wooden beams and one outer wall.
Vestiges of a house
Veel mensen werden die nacht in hun slaap opgeschrikt door het water. Huizen stortten in door de kracht van het stromende water en de voortrazende storm. De ernst van de situatie in het rampgebied was voor de buitenwereld nog niet duidelijk. De situatie werd nog erger toen in de middag van 1 februari een tweede vloed opkwam. Deze vloed zou de meeste levens eisen. Doordat de dijken al gebroken waren, kwam het water in de polders nog hoger te staan. Veel huizen die de eerste vloed hadden doorstaan, stortten alsnog in. Voor velen kwam de hulp te laat.


2.5 Hulpverlening

Rescue-squad walks over one of the temporary emergency sandbag dams.
Sandbag dam
Door het wegvallen van (verkeers)verbindingen duurde het veel te lang voordat grootscheepse reddingsacties op gang kwamen. Pas op maandag 2 februari werd de ernst van de situatie duidelijk. De inwoners van de getroffen gebieden werden geëvacueerd en met vliegtuigen werden hulpgoederen en zandzakken gedropt. Al snel kwam een enorme stroom hulpgoederen opgang vanuit Nederland en ver daarbuiten.

2.6 Herstel van het getroffen gebied

Nylon sandbags are use to close the opening in the embankment
Closure with sandbags
Op 4 februari 1953 kondigde minister Drees in de Tweede Kamer aan dat het herstel van de dijken de hoogste prioriteit zou krijgen. Ook werd een Deltacommissie in het leven geroepen, met als hoofd de directeur-generaal van Rijkswaterstaat, de heer Maris. Ondertussen waren vrijwilligers en dijkwerkers hard aan het werk om de gaten in de dijken zo goed als het kon te dichten. Waar de gaten te groot waren, werden ze gedicht met zogenaamde eenheidscaissons. Eind 1953 kon het gebied officieel droog worden verklaard. 
 

2.7 Gevolgen

De gevolgen van de ramp waren enorm.
• 1835 mensen zijn overleden als gevolg van de ramp
• 200.000 stuks vee verdronken
• 200.000 hectare grond kwam onder water te staan
• 3000 woningen en 300 boerderijen waren vernietigd
• 40.000 woningen en 3000 boerderijen waren beschadigd
• 72.000 mensen werden geëvacueerd
• 91 km dijk was zwaar beschadigd in Zuid-Holland met gaten van wel 1 km
• 10 km dijk was zwaar beschadigd in Nood-Brabant
• 38 km dijk was zwaar beschadigd in Zeeland met gaten van zelfs 3,5 km